In het voorjaar krijgen honingbijen het soms op hun heupen (waarschijnlijk zitten er dan teveel bijen op een kluitje). En dan kan het gebeuren dat de oude koningin besluit om samen met zo’n 10.000 bijen uit de kolonie te vertrekken. Het afsplitsende deel laat geen adreswijziging achter voor de dochterkoningin en overige achterblijvers. Dat kan ook niet, want ze hebben zelf nog geen idee waar ze heen gaan.

De verhuizers verzamelen moed voor hun hachelijk avontuur, zwermen uit en gaan ergens in een boom of onder een dak hangen. Het merendeel van deze tros zal zich zo min mogelijk bewegen en zijn lichaamstemperatuur laten zakken om energie te sparen totdat er een nieuwe woonplek gevonden is. Dat kan een paar dagen duren.

Enkele honderden bijen gaan op onderzoek uit. De wensenlijst voor een nieuwe plek is lang. Zo moet het hol of de kast bij voorkeur een paar meter van de grond zijn en minstens 20 liter inhoud hebben. Daarnaast moet de entree op het zuiden en op vloerhoogte liggen en niet groter zijn dan 30 cm2.

De verkenners vergaren onafhankelijk van elkaar informatie over zoveel mogelijk plekken die deze wooneisen min of meer honoreren. Steeds keren ze naar de hangplek terug om met een speciale bijendans verslag te doen. Klinkt het allemaal interessant genoeg, dan gaan andere verkenners deze locaties ook inspecteren.

Kunnen we klimaatverandering de baas worden door de oceanen te manipuleren?
LEES OOK

Kunnen we klimaatverandering de baas worden door de oceanen te manipuleren?

Plannen om de zeeën scheikundig te veranderen, zouden weleens de beste manier kunnen blijken om grote hoeveelheden koolstofd ...

Uiteindelijk trekt één plek de meeste aandacht van de verkenners. Dát wordt de nieuwe woning als tweederde van de bijen achter deze keuze staat. Alle stilhangende bijen komen vervolgens razendsnel op temperatuur en met z’n allen vliegen ze naar hun nieuwe huis. Wat een mooie manier om snel en zorgvuldig een belangrijke groepsbeslissing te nemen!

Tjeerd Blacquière, onderzoeker bij het Wageningse onderzoeksinstituut Plant Research International, vertelde me dit verhaal tijdens het interview voor het artikel ‘De zaak van de verdwenen bijen’ (NWT 5). Plotseling riep hij uit: ‘We hebben het alleen over alle narigheid, terwijl er zoveel moois over bijen te vertellen is.’ Dit leuke verhaal paste niet in het artikel, maar gelukkig kan ik het in deze blog kwijt.

Voor wie meer wil weten: bioloog Thomas D. Seeley heeft veel onderzoek gedaan. Bovendien verschijnt van hem binnenkort een nieuw boek ‘Honeybee democracy’.