De wens stagiairs rustig te laten wennen is een ijdele, stelt New Scientist-hoofdredacteur Jim Jansen.

In verschillende rubrieken van de Volkskrant is – terecht – uitgebreid stilgestaan bij de zaak aangaande de frauderende stagiair. De affaire is van veel kanten belicht, alleen zijn zowel de hoofdredacteur, de ombudsvrouw als verschillende lezers (via ingezonden brieven) voorbij gegaan aan een essentieel detail in deze zaak. De ombudsvrouw citeert de hoofdredacteur ‘dat stagiairs te snel in het diepe worden gegooid’ en deze opmerking vindt weerklank bij de redactie.

Dit is echter hoe de journalistiek anno 2015 functioneert. Voor kranten en bladen zijn stagiairs niet een leuke aanvulling voor de redactie van mensen die koffie kunnen halen en wellicht hier en daar een foto-onderschriftje of een eenkolomsrubriek mogen maken. Ik ben zestien jaar hoofdredacteur bij verschillende titels en ik heb gezien hoe stagiairs meer en meer snel verantwoordelijk worden voor het creëren van content voor het medium. Dit is geen mening of klacht maar de realiteit. Kranten en bladen hebben steeds meer moeite om het hoofd boven water te houden. Daarnaast moet nieuws meteen (digitaal) gecoverd worden. Stagiaires zijn in dit proces totaal onmisbaar geworden.

Hoe heeft Paranthropus, de laatste der aapmensen, zo lang kunnen overleven?
LEES OOK

Hoe heeft Paranthropus, de laatste der aapmensen, zo lang kunnen overleven?

Paranthropus was een primitieve mensachtige die leefde in een tijd waarin onze voorouders een steeds grotere stempel op de aarde drukten.

De wens om stagiairs rustig te laten wennen is dan ook een ijdele.

Tot slot een relativering. Frauderende stagiairs zijn een zeer grote uitzondering en dagelijks profiteren ontelbaar veel redacties van de kennis en kunde van studenten die het vak willen leren.

Durf jij het aan om als stagiair in het diepe gegooid te worden bij New Scientist? Lees dan hier verder.