‘Roetfilter niet meer verplicht’, kopt De Telegraaf op 23 september 2011, en de Volkskrant citeert dat bericht op haar site. De reden: beleidsmedewerker van TLN Paul Poppink stelt volgens de berichten dat het terugdringen van CO2-uitstoot ook op andere manieren kan. Wat een lariekoek. Blijkbaar zijn ze bij de gemeente Amsterdam ook nog niet wakker, want daar willen ze volgens het Volkskrant-artikel roetfilters verplichten in bestelauto’s als maatregel tegen CO2-uitstoot.

“Ik was verbijsterd toen ik die berichten las”, reageert Poppink aan de telefoon. “Ik heb die onzin helemaal niet gezegd.” Gelukkig maar, denk ik, CO2-uitstoot en roetuitstoot zijn nog steeds twee verschillende onderwerpen. “Over personenauto’s ging mijn gesprek met een journalist al helemaal niet’, vervolgt Poppink, die vermoedt dat hij nog wel de nodige reacties zal krijgen op de gepubliceerde misvatting.

Het enige wat roet en CO2 gemeen hebben is koolstof. Wil je minder CO2 uitstoten, dan moet je een taak vervullen met minder energie. Met een zuinige wagen stoot je per kilometer minder CO2 uit dan met een grote SUV, omdat je minder brandstof verbruikt. Een mens die efficiënt allerlei taken verricht, ademt ook minder CO2 uit dan een onhandig iemand die gaat rennen en sprinten om dat takenpakket in dezelfde tijd voor elkaar te krijgen.

Dieseluitstoot
Meer energie gebruiken betekent een hoger brandstofverbruik. Het brandstofgebruik zegt echter niet direct iets over de roetuitstoot. Bij de optimale verbranding van benzine of diesel ontstaan enkel CO2 en H2O, maar bij onvolledige verbranding ontstaat ook roet en als de verbranding te heet is kan ook stikstof uit de lucht met zuurstof reageren tot stikstofoxiden. Dieselmotoren produceren doorgaans meer roet dan benzinemotoren, dat komt door de manier waarop ze brandstof verbranden. Dat is de reden dat een roetfilter zo nuttig is als het achter een dieselmotor hangt. Overigens stoot een benzinemotor vaak ook veel minuscule deeltjes uit, maar die wegen samen maar een fractie van de wat er aan roet in de dieseluitstoot zit.

Die deeltjes willen we niet inademen. Ze kunnen diep in de longwegen doordringen en daar schade veroorzaken, sommige deeltjes bevatten zelfs kankerverwekkende verbindingen. Er gelden daarom steeds strengere Europese eisen aan de auto-industrie, als het draait om uitstoot van roet en stikstofoxiden. Per kilometer mogen voertuigen steeds minder het milieu belasten met roetdeeltjes, stikstofoxiden en onverbrande koolwaterstoffen. Nieuwe auto’s, bestelwagens en vrachtwagens voldoen vanaf eind 2006 aan de Euro4-norm, in 2009 is de Euro5-norm ingevoerd en we kunnen in 2014 de nog zwaardere Euro6-norm verwachten.

Milieuzone
Gemeenten, ministerie en bedrijfsleven zijn in gesprek over landelijke regels voor vrachtwagens en bestelauto’s die binnensteden bezoeken. In 2009 zijn in Nederland al afspraken gemaakt over waar het bedrijfswagenpark aan moet voldoen, een bepaald percentage moet voldoende milieuvriendelijk zijn, maar dat blijkt lastig haalbaar, mede dankzij de noodzakelijke investeringen in combinatie met een economisch lastige periode.

Het is denkbaar dat sommige steden alsnog een milieuzone gaan instellen. In een milieuzone geldt een verbod voor bestelwagens en vrachtwagens die niet aan de gewenste norm voldoen. Zo kan bijvoorbeeld worden afgesproken dat in een gemeente vanaf medio 2013 bestelwagens aan de Euro4-norm moeten voldoen. Roetfilters zijn één van de maatregelen waarmee fabrikanten hun producten aan de Europese eisen kunnen laten voldoen. Daarnaast zijn er gevallen van retrofit, waarbij eigenaren bedrijfsauto’s die in de fabriek geen roetfilter kregen, alsnog zo’n filter geven. Voor een goed resultaat zijn echter auto’s die al in de fabriek van een roetfilter zijn voorzien het beste.

Die roetfilters, die beschermen de omgeving dus helemaal niet tegen extra CO2 in de buitenlucht. Misschien is het tegengaan van de uitstoot van roet en stikstofoxiden nog wel belangrijker dan het beperken van de CO2-uitstoot. Laat die roetfilters daarom vooral verplicht blijven. Steden die het stadsmilieu – en de gezondheid van de burgers – willen beschermen tegen de uitlaatgassen van het verkeer kunnen daarnaast wellicht nog een grote slag slaan door de verkeersdoorstroming te verbeteren – dan werken motoren efficiënter en vervullen roetfilters en katalysatoren hun taak ook beter. Wie geen vrachten hoeft te vervoeren, kan natuurlijk de fiets nemen.