Het norovirus leeft niet alleen in de darmen, maar kan zich ook schuilhouden in de speekselklieren. Dat is althans ontdekt bij muizen. Maar het virus kan zich hoogstwaarschijnlijk ook onder mensen via speeksel verspreiden, hoewel dat nog moet worden bewezen.

Drie darmvirussen, waaronder het norovirus, kunnen zich bij muizen via het speeksel verspreiden. Daarnaast blijkt dat het norovirus in menselijke speekselkliercellen kan overleven.

Deze bevindingen wijzen erop dat we extra maatregelen moeten nemen als we besmettingen willen voorkomen. De onderzoekers die de vondst deden, hopen dat hun werk uiteindelijk leidt tot nieuwe behandelingen tegen de darmvirussen.

'Koudwaterkoraalriffen zijn de regenwouden van de oceaan'
LEES OOK
'Koudwaterkoraalriffen zijn de regenwouden van de oceaan'

Darm- en speekselvirussen

Van het norovirus, rotavirus en astrovirus is bekend dat zij het darmkanaal infecteren. Ze leiden jaarlijks bij meer dan 1,5 miljard mensen wereldwijd tot braken, diarree en buikpijn. We wisten al dat deze virussen zich via de ontlasting konden verspreiden. Als een besmet persoon zijn handen niet goed wast, kunnen kleine deeltjes ontlasting in het voedsel van een niet-besmette persoon terechtkomen, waarna ook die persoon ziek wordt.

‘We noemen het darmvirussen omdat we dachten dat ze zich alleen in de darm vermenigvuldigen, in de ontlasting belanden en vervolgens via de orale route aan een andere persoon worden doorgegeven’, zegt viroloog Nihal Altan-Bonnet van het Amerikaanse nationaal gezondheidsinstituut in Maryland. Om verspreiding van deze virussen te voorkomen, luidt het advies dan ook om handen te wassen en oppervlakken schoon te maken.  

‘We keken nu naar de speekselklieren. Ook daar zagen we een enorme hoeveelheid virusvermenigvuldiging, evenveel als in de darm. Dit was echt verrassend, omdat we ervan uitgingen dat deze virussen zich niet via het speeksel verspreiden’, zegt Altan-Bonnet. ‘Dit suggereert dat we, om uitbraken van darmvirussen in te dammen, maatregelen moeten nemen zoals het dragen van mondkapjes, net zoals met covid-19.’

Zogende muisjes

In een reeks experimenten besmetten Altan-Bonnet en haar collega’s jonge muisjes met de muisversies van de drie darmvirussen. Daaruit bleek dat hun speekselklieren een vruchtbare bodem vormden voor de virussen om verder te groeien.

Het team ontdekte ook dat besmette muisjes die bij hun moeder melk dronken, het virus konden overbrengen op haar melkklieren. De besmetting beperkt zich tot de melkklieren, dus de moeder vertoont zelf geen ziekteverschijnselen, zegt Altan-Bonnet. Maar een niet-besmet broertje of zusje dat vervolgens bij de moeder drinkt, kan het virus vervolgens wel oplopen.

Lezen over dat ándere virus, dat covid-19 veroorzaakt? Dat kan in ons dossier.

Evolutionair trucje

Bovendien ontdekten de onderzoekers dat 72 uur na de besmetting het aantal antilichamen in de melkklieren van de moedermuis sterk gestegen was. Dat viel samen met een afname van de hoeveelheid virus in de darmen van de besmette jonkies. Dit suggereert dat een melkklierinfectie leidt tot antilichamen in de melk, om besmettingen bij de zogende muisjes in te dammen.

‘Na ongeveer drie dagen zogen zien we dat de infecties van de jonkies beginnen af te nemen. Dat gaat gepaard met een toename van antilichamen. Het lijkt erop dat deze zeer snelle immuunrespons van de moeder, na de infectie van haar borst, helpt om de besmetting van de jongen op te ruimen.’ zegt Altan-Bonnet.

‘Het feit dat moeders snel bescherming produceren voor hun kroost wanneer hun melkklieren zijn besmet, is mogelijk een fantastische evolutionaire reactie om hun jongen te beschermen’, zegt infectieziektedeskundige Sarah Caddy van de Cornell-univerisiteit in New York, die niet betrokken was bij het onderzoek.

Virus kweken

De onderzoekers maakten ook de stap naar de mens. Ze ontdekten dat het ‘menselijke’ norovirus gemakkelijk kan worden opgekweekt in menselijke speekselkliercellen. Dat is een belangrijke vondst, omdat we tot nog toe geen goede manier hadden om het virus in het laboratorium te kweken. Dat bemoeilijkte het ontwikkelen en testen van behandelingen, zoals een vaccin of antivirale middelen tegen het norovirus. ‘Een betere manier om norovirussen te kweken is een soort heilige graal’, zegt Altan-Bonnet.

‘Dit werk is echt interessant en belangrijk’, zegt Caddy. ‘We weten al twintig jaar dat receptoren voor het norovirus aanwezig zijn in speeksel, maar niemand had tot nu toe overtuigend aangetoond dat dit belangrijk is voor de virusoverdracht.’

De onderzoekers moeten nog vaststellen of de virussen zich daadwerkelijk via menselijk speeksel verspreiden. ‘Uiteindelijk zijn muizen geen mensen. We kunnen wel veronderstellen dat dezelfde speekseloverdracht optreedt, maar definitief bewijs is nog niet geleverd’, zegt Caddy.