Met het einde van het jaar in zicht, is onder klimaatonderzoekers de jaarlijkse rituele strijd losgebarsten: hoe duiden we het jaar 2010?


Met nog twee maanden aan onverwerkte meetgegevens te gaan, lijkt 2010 het op een of twee na warmste jaar ooit gemeten (na 1998 en 2005). Anderzijds: steeds meer wetenschappers erkennen dat er van een structurele opwarmende trend al vijftien jaar lang geen sprake meer is.

Het is gemiddeld genomen wel warmer dan in de periode 1970-1995, maar de voorspelde verdere opwarming blijft tot dusver uit. En de kans dat dat door toeval komt, wordt met het jaar kleiner.

‘Misschien zijn mensen met autisme juist te empathisch’
LEES OOK
‘Misschien zijn mensen met autisme juist te empathisch’


Einde opwarming: Afwijking van de meerjarig gemiddelde wereldtemperatuur, 1995-2010, zoals gemeten door het CRU in Engeland.


Volgens de laatste gegevens van de Climate Research Unit (CRU) van de universiteit van East-Anglia was het dit jaar 0,756°C warmer dan het langjarig gemiddelde. Maar de wintermaanden november en december moeten daarbij nog worden meegenomen en experts wijzen erop dat er ongebruikelijke omstandigheden in het spel waren: zo waren de maanden maart en juni ongewoon warm door de El Niño, het zeestromingsverschijnsel dat ook de temperatuur in 1998 opdreef.

Met name de rechtsere Britse media beginnen zich steeds luider af te vragen of we nog wel mogen spreken van global warming. ‘De vraag is simpel’, formuleert onderzoeksjournalist David Rose in de Daily Mail, ‘Hoe lang moet een pauze duren voordat de stelling dat de wereld warmer wordt door menselijke activiteit begint in te storten?’

Nagenoeg vlak
Ook wetenschappers zitten daarmee in hun maag. ‘Feit is dat we het gebrek aan opwarming op het moment niet kunnen verklaren’, schreef Kevin Trenberth, hoofd klimaatanalyse van het Amerikaanse centrum voor atmosfeeronderzoek en hoofdauteur van de IPCC-rapporten, in oktober 2009 in een uitgelekte e-mail.

Een team van de universiteit van Boulder in Colorado concludeerde eerder dit jaar in Science dat ‘de trend in de wereldoppervlaktetemperatuur nagenoeg vlak is’, terwijl IPCC-auteurs David Easterling en Michael Wehner in het vakblad Geophysical Research Letters noteerden dat ‘er voor de periode 1998 tot 2008 inderdaad geen echte trend is.’

Over de interpretatie is men het minder eens. Terwijl Easterling en Wehner denken dat er toeval in het spel is, denken steeds meer andere onderzoekers dat een ander, nog onbekend mechanisme de opwarming afremt. Dat werpt de vraag op hoe sterk het opwarmende effect van CO2 precies is – de meest heikele vraag van allemaal.

Maarten Keulemans