Hun vlees is half vergaan, hun kleren gescheurd. Hun monden met rottende tanden hangen half open. Ze sleuren hun voeten over de grond terwijl ze met hun armen vooruit zwaaien in een poging je te grijpen. Een monotoon gedreun klinkt terwijl ze allemaal om hetzelfde roepen. ‘Braaaaaains’.

Zo ziet mijn gemiddelde zombie-nachtmerrie eruit. Ooit baseerde ik die dromen op tekenfilms. Dankzij de Smurfen maakte ik voor de eerste keer kennis met zombies (of beter gezegd: de ‘zwarte smurfen’, die in plaats van ‘brains’ alleen ‘gnap!’ zeiden en andere smurfjes in hun staart beten). Later ontdekte ik de zombies in films als Resident Evil, en tegenwoordig zit ik vaak op het puntje van mijn stoel bij de populaire televisieserie The Walking Dead.

Kortom, zombies zijn een populair onderwerp voor fictie. Maar zit er ook een kern van waarheid achter die horrorverhalen? Kunnen zombies bestaan?

‘Er is heel veel mis  met de p-waarde’
LEES OOK

‘Er is heel veel mis met de p-waarde’

De p-waarde is tegenintuïtief en wordt vaak onjuist gebruikt, stelt wiskundige Rianne de Heide. We moeten naar een alternatief.

Volgens biologen is er geen twijfel mogelijk. Zombies bestaan. Wanneer een parasiet zijn gastheer binnendringt, kan hij hem als een breinloze pop laten doen wat hij wil. Ondertussen vreet de parasiet het zombie-dier van binnenuit op.

Sprinkhanen en mieren zijn bekende slachtoffers van ‘zombificatie’. Maar daar houdt het niet op. Ook mensen kunnen een parasiet met zich meedragen die hun persoonlijkheid compleet verandert. In het bovenstaande filmpje van Scientific American kom je erachter welke parasiet de dader is. Het goede nieuws is dat de parasiet je niet snel compleet zal opvreten. Het slechte nieuws? Het is moeilijk te herkennen wie het slachtoffer zijn van deze zombificatie. Dus wie weet is je buurman wel een zombie… of je partner… of jijzelf.

Braaaaaains…