Hoe komen wetenschappers tot dat ene inzicht dat het verloop van hun carrière bepaalt? Daarover vertellen ze in de rubriek Eureka, elk weekend in het AD, verzorgd door de redactie van New Scientist. Deze keer: Niels Bakker, literatuur- en communicatiewetenschapper bij de VU-Amsterdam.

‘Mijn eerste actieve leesherinnering had ik in Woltersum, de plaats waar ik ben geboren, rond een jaar of vier. Volgens mijn moeder praatte ik al op mijn eerste verjaardag, en toen ik iets ouder was, kwamen de boeken. Eigenlijk is het daarna nooit meer gestopt.

Althans, voor mij niet, want in Nederland wordt steeds minder gelezen. De cijfers laten ook zien dat met elke nieuwe generatie de afname sterker is. Dit is een zorgwekkende ontwikkeling. Lezen is niet alleen leuk en leerzaam, het is ook van essentieel belang om te kunnen functioneren in de maatschappij en op het werk. Ook vergroot het de inleving en empathie met andere mensen.

Serveer vleesvervangers niet af omdat ze ‘ultrabewerkt’ zijn
LEES OOK

Serveer vleesvervangers niet af omdat ze ‘ultrabewerkt’ zijn

Zorgen over in fabrieken gemaakt voedsel, en over vleesvervangers in het bijzonder, zijn misplaatst, zegt bioloog Jenny Chapman.

Voor mijn promotieonderzoek heb ik verschillende vormen van digitaal lezen – e-reader, tablet, smartphone of computerscherm – met elkaar vergeleken. Dat heeft bij mij geleid tot een groot inzicht.

Niels Bakker


Een verschil tussen traditioneel lezen van papier en digitaal lezen is het medium. In mijn onderzoek heb ik twee studies uitgevoerd met in totaal 2300 respondenten. Zij kregen vragen over boeken op het apparaat dat ze doorgaans het meeste gebruiken, bijvoorbeeld vragen over hun leeservaring, concentratie, leestijd en tekstbegrip.

Toen ik alle gegevens had geanalyseerd bleek dat mensen die een e-reader gebruiken niet oppervlakkig en snel lezen, maar juist lineair. De leeservaring bleek nagenoeg even hoogwaardig als van papier. Als je dus echt goed wilt dieplezen, dan kun je het beste of een boek of e-reader gebruiken.

Deze resultaten kunnen gebruikt worden door bibliotheken, maar ook op scholen waar aan leesbevordering wordt gedaan. Voor sommige mensen is mijn onderzoek een eyeopener, omdat ze denken dat lezen op een e-reader eigenlijk inferieur is ten opzichte van het papieren boek. Dat is pertinent niet zo.’