Volgens nieuw onderzoek lopen mensen die meer dan eens covid-19 hebben gehad een dubbel zo groot risico om door welke oorzaak dan ook te overlijden, vergeleken met mensen die slechts één keer positief zijn getest.

Je bent ingeënt en hebt onlangs covid-19 gehad, dus je hoeft je geen zorgen te maken dat je het opnieuw krijgt. Toch? Mis. Een nieuw onderzoek wijst erop dat elke nieuwe besmetting extra gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, zowel tijdens de ziekte als in de maanden daarna.

‘Elke herinfectie is als het opnieuw gooien met een dobbelsteen’, zegt universitair docent geneeskunde Ziyad Al-Aly van Washington University School of Medicine in de Verenigde Staten. ‘Een tweede infectie is evengoed slecht voor je als een eerste.’

'Koudwaterkoraalriffen zijn de regenwouden van de oceaan'
LEES OOK
'Koudwaterkoraalriffen zijn de regenwouden van de oceaan'

Twee keer zo hoge sterftekans

Deze bevindingen zijn vooral zorgwekkend omdat de omikron-subvarianten BA.4 en BA.5, die de nieuwste golf in een groot deel van de wereld veroorzaken, nog beter zijn in het omzeilen van eerdere immuniteit dan de BA.1- en BA.2-subvarianten van de eerste omikrongolven. De komende weken kunnen daardoor wereldwijd vele miljoenen mensen opnieuw besmet worden.

Het onderzoek kreeg online veel aandacht toen het op 17 juni als voorpublicatie werd uitgebracht. Er bleek onder meer dat mensen die tweemaal of vaker covid-19 hadden gehad, twee keer zoveel kans hadden om te overlijden door welke oorzaak dan ook in de zes maanden nadat ze het coronavirus hadden opgelopen, vergeleken met mensen die het maar één keer hadden opgelopen. Ook hadden ze drie keer zoveel kans om in die periode in het ziekenhuis te worden opgenomen.

Dit resultaat werd door veel mensen verkeerd geïnterpreteerd. Die zagen het als teken dat herinfecties inherent erger zijn dan eerste infecties. Maar dat is absoluut niet het geval, zegt Al-Aly.

Herinfectie-ernst

Het risico op ernstige gevolgen na herinfectie is waarschijnlijk kleiner dan na de eerste infectie, zegt hij. Zeker weten doen we dat echter niet, omdat het onderzoek geen vergelijking heeft gemaakt tussen de eerste en tweede infectie onder dezelfde personen. In plaats daarvan vergeleken de onderzoekers mensen die minstens twee keer besmet zijn geweest met mensen die één besmetting hadden doorgemaakt. Het zou kunnen dat mensen die twee keer besmet raken, relatief kwetsbaar zijn en daardoor meer kans hebben om ernstig te worden getroffen, zegt Al-Aly.

Een andere interpretatie die ook wel aan het onderzoek wordt gegeven, is dat het erger is om twee of drie keer covid-19 te krijgen dan slechts één keer. Dit is, tot op zekere hoogte, wél waar. Dat klinkt voor sommigen vanzelfsprekend, maar je hebt ook mensen die ervan uitgaan dat herinfecties onschadelijk zijn. Tot nu toe had niemand het effect van herinfecties echter gekwantificeerd, zegt Al-Aly. Ook was nog niet aangetoond hoeveel slechter mensen er gedurende zes maanden na herinfectie aan toe zijn.

Cumulatief risico

In het onderzoek scoorden mensen die twee of drie keer covid-19 hadden gehad significant hoger op vervelende zaken, van hartaandoeningen tot nieraandoeningen, in vergelijking met mensen die slechts één infectie hadden doorgemaakt. Dit gold gedurende de eerste dertig dagen van infectie, en in de maanden die volgden. Dit suggereert dat er sprake is van een cumulatieve toename van het risico. Dit geldt zowel voor niet-gevaccineerden als voor degenen die ten minste één dosis vaccin hadden kregen voor hun tweede corona-infectie.

Het onderzoek is gebaseerd op de medische dossiers van bijna zes miljoen mensen, die zijn bijgehouden door het Amerikaanse ministerie van Veteranenzaken. Van deze mensen hadden er bijna 260 duizend één covid-19-infectie doorgemaakt, en 40 duizend twee of meer.

In het onderzoek was de gemiddelde leeftijd van de mensen zestig jaar, maar er zaten ook mensen tussen van een jaar of twintig, zegt Al-Aly, die niet denkt dat de resultaten alleen van toepassing zijn op oudere mensen.

Wereldwijde ziektelast

Een punt van kritiek op het onderzoek is dat herinfectie gedefinieerd was als een positieve test dertig dagen of later na een eerdere positieve test. Zo’n positieve uitslag zou ook het gevolg kunnen zijn van de eerste infectie, in plaats van een herinfectie. Die kritiek is volkomen terecht, zegt Al-Aly. Het team heeft de gegevens sindsdien opnieuw geanalyseerd, en daarbij alleen gekeken naar positieve tests die ten minste negentig dagen na de eerste plaatsvonden. De resultaten daarvan waren in wezen hetzelfde, zegt hij.

Eigenlijk zouden de bevindingen uit dit onderzoek geen grote verrassing moeten zijn, gelet op wat we weten over het risico van herinfectie met andere virussen. Herinfecties door griep veroorzaken bijvoorbeeld af en toe ernstige complicaties, van hartontsteking tot meervoudig orgaanfalen, vooral bij oudere mensen. Deze herinfecties leiden tot een enorme wereldwijde ziektelast. Het zou daarom niet verwonderlijk zijn als, in ieder geval de komende jaren, de ziektelast als gevolg van covid-19 verder toeneemt door het grotere aantal herinfecties en de mogelijk grotere risico’s na elke herinfectie.

Preventieve behandelingen

Nu we dit weten: wat moeten we doen? Aangezien er minder animo bestaat voor het dragen van mondkapjes en het beperken van sociale contacten, vindt Al-Aly dat we meer mensen preventief zouden moeten behandelen met antivirale middelen zoals paxlovid van Pfizer (dat bestaat uit de generieke geneesmiddelen niramatrelvir en ritonavir), en dat we prioriteit moeten geven aan de ontwikkeling van effectievere vaccins, zoals vaccins die je via de neus toedient.

‘Er is geen excuus om deze vaccins niet hyperagressief na te streven’, schreef cardioloog Eric Topol van het Scripps Research Translational Institute in de Verenigde Staten in een commentaar op het onderzoek van Al-Aly. ‘Het gebrek aan urgentie en aan het vrijmaken van middelen komt voort uit de illusie dat de pandemie achter ons ligt.’