Drie Nederlandse wetenschappers mogen zich sinds gisteren de trotse bezitters noemen van een Ig Nobelprijs. Zij kregen een prijs voor onderzoek in psychologie en anatomie.

De prijs voor anatomie ging dit jaar naar de bekende apenonderzoeker Frans de Waal. Hij bewees dat chimpansees elkaar kunnen herkennen aan foto’s van hun achterwerk. Binnen het vakgebied psychologie wonnen Anita Eerland en Rolf Zwaan de prijs. De onderzoekers, verbonden aan de Open Universiteit en de Erasmus Universiteit Rotterdam, kwamen erachter dat de Eifeltoren kleiner lijkt wanneer je wat naar links leunt. Voor hun onderzoek werden testpersonen stiekem iets uit balans gebracht, waarna de toren gemiddeld wel 12 meter minder hoog werd geschat.

De prijzen worden jaarlijks uitgereikt voor onderzoek dat mensen aan het lachen maakt, maar ook aan het denken zet. Ook in andere categorieën regende het prijzen. Zo mochten neurowetenschappers de trofee in ontvangst nemen voor onderzoek naar breinactiviteit bij dode zalmen, scheikundigen voor de vraag waarom mensen in een Zweeds dorp groen haar kregen en medische wetenschappers voor de onderzoeksvraag hoe doktoren tijdens colonoscopie kunnen voorkomen dat hun patiënten ontploffen. De literatuurprijs werd in de wacht gesleept door de Amerikaanse overheid, voor een rapport over rapporten over rapporten, die de voorbereiding van een rapport over de rapporten over rapporten over rapporten aanbeveelt.

Op jacht naar geluk
LEES OOK
Op jacht naar geluk

In totaal werden elf prijzen uitgereikt. Aan het eind van de ceremonie sloot organisator Marc Abrahams af met de veelbetekenende woorden: ‘Als u dit jaar geen Ig Nobelprijs hebt gewonnen, maar vooral wanneer u dit wel hebt… volgend jaar beter.’

Afbeelding: Improbable Research