De Nobelprijs voor de geneeskunde gaat dit jaar naar de Amerikaan James P. Allison en de Japanner Tasuko Honjo voor hun doorbraken in het gevecht tegen kanker. De onderzoekers ontdekten hoe je ons eigen afweersysteem kankercellen kunt laten aanvallen, door remmen die zich op afweercellen bevinden te deactiveren.

De meeste behandelmethoden van kanker, zoals chemotherapie en bestraling, richten zich rechtstreeks op het kapotmaken van kankercellen. Immuuntherapie richt zich daarentegen op het veranderen van ons afweersysteem, zodat het de kankercellen zelf kan herkennen en doden.

Ons afweersysteem is ons persoonlijke leger en beschermt ons tegen ziekten door indringers te herkennen en bestrijden. De grote legerleiders zijn de T-cellen, die op basis van een afwijkend celoppervlak bepalen welke cellen gevaarlijk zijn en opdracht geven deze te vernietigen.

Onverklaarbaar kattengat
LEES OOK
Onverklaarbaar kattengat

Op de rem

Nobelprijswinnaar Tasuku Honjo met zijn team op Kyoto University, vlak nadat hij het nieuws hoorde

Kankercellen worden vaak niet door de T-cellen aangevallen, omdat zij op de rem kunnen trappen die zich op elke T-cel bevindt. De legerleiders worden zo door de vijand in slaap gesust. Ze herkennen de kankercellen wel, maar gaan niet over tot de aanval.

Allison en Honjo ontwikkelden een vorm van immuuntherapie die deze remmen deactiveert, waardoor de T-cellen wakker worden geschud en de kankercellen effectief aanvallen.

James P. Allison, de kersverse Amerikaanse Nobelprijswinnaar

James P. Allison onderzocht het eiwit CTLA-4, dat zich als zo’n rem op het afweersysteem gedraagt. Hij bedacht een methode om deze rem uit te zetten. Dit concept ontwikkelde hij vervolgens tot een nieuwe aanpak om patiënten te behandelen.

Tasuku Honjo ontdekte dat een ander eiwit, PD-1, via een ander mechanisme ook als rem op afweercellen werkt. Behandelingen die zich op dit eiwit richten, hebben bewezen zeer effectief te zijn in de strijd tegen kanker.

Mis niet langer het laatste wetenschapsnieuws en meld je nu gratis aan voor de nieuwsbrief van New Scientist.

Lees ook: