Voor het eerst is het gelukt om close-upfoto’s van de andere kant van de maan te nemen – een prestatie die op naam komt de Chinese maanrover Yutu-2. Ontdekkingen aan de hand van de foto’s kunnen belangrijk zijn voor toekomstige missies.

De Chinese Yutu-2 is de eerste rover die een bezoekje heeft gebracht aan de kant van de maan die we vanaf de aarde nooit zien. Deze verre kant blijkt nu flink te verschillen van de kant die we wél zien als we ’s nachts naar boven turen. De verre maankant blijkt kleverigere, stevigere grond te hebben en een grotere hoeveelheid kleine rotsen en inslagkraters te herbergen.

Ondanks verschillende verkenningsmissies naar de maan, bemand en onbemand, is de verre kant tot nog toe onontgonnen gebied gebleven. Dat is grotendeels te wijten aan het feit dat het lastig is om vanaf daar met de aarde te communiceren. Niettemin zette de Chinese Chang’e 4-missie er de Yutu-2-rover neer, die sindsdien over het oppervlak zwerft.

Het raadsel van de­ verdwenen antimaterie
LEES OOK
Het raadsel van de­ verdwenen antimaterie

Versleten rotsen

Nu hebben roboticus Liang Ding van het Harbin-technologie-instituut in China en zijn collega’s iets ontdekt over de samenstelling en kenmerken van de maanbodem aan de andere kant. Ze keken daarvoor naar hoe de Yutu-2 zich voortbeweegt, en naar radar- en spectrometriemetingen.

De onderzoekers, die niet geïnterviewd wilden worden voor dit artikel, ontdekten dat de rover niet zoveel slipte en gleed als je zou verwachten wanneer die aan de nabije kant van de maan had rondgereden. Dat geeft aan dat de verre maankant relatief vlak is. Daarnaast leek de grond gemakkelijker aan de zes wielen van de rover te kleven, wat betekent dat die waarschijnlijk minder poederig is.

Yutu-2-rover
De Yutu-2-rover op de foto gezet door de Chang’e-4-lander, op het maanoppervlak. Bron: CSNA/Siyu Zhang/Kevin M. Gill, CC BY 2.0

Deze kennis is niet alleen nuttig voor het ontwerpen van toekomstige maanrovers. Begrip van de samenstelling van de bodem en de gesteenteverdeling kan ons ook iets leren over de geschiedenis van de maan zelf.

‘De aanwezigheid van meer kleine rotsen kan iets zeggen over de ouderdom van het oppervlak’, zegt emeritus hoogleraar planeetwetenschappen Lionel Wilson van de Universiteit van Lancaster in het Verenigd Koninkrijk. ‘De grotere rotsen zijn dan versleten. Als je maar lang genoeg wacht, dan reduceert een steen vanzelf tot deeltjes die slechts enkele millimeters groot zijn.’

Elektromagnetisme

De Yutu-2-rover vond ook een donkergroen, glinsterend materiaal op de bodem van een krater, vergelijkbaar met glasachtig materiaal dat in monsters van de Apollo-missies is gevonden. Het is de eerste keer dat zo’n mineraal, waarschijnlijk een overblijfsel van een eerdere inslag, op locatie is gevonden.

‘Alle informatie over de geschiedenis van inslagen – van enorme botsingen tot speldenprikken op atomaire schaal – is belangrijk en waardevol’, zegt Wilson.

De andere kant van de maan is op elektromagnetisch vlak enorm rustig. Dat komt doordat straling vanaf de aarde er niet kan komen. Deze zijde is daardoor zeer geschikt is voor astronomie. Willen we er observatoria bouwen, dan hebben we grondige kennis nodig van het oppervlak en de bodemsamenstelling. Toekomstige missies kunnen hier onderzoek naar doen.

‘De verkenning van de andere kant van de maan staat nog in de kinderschoenen’, zegt hoogleraar planetaire wetenschappen Sara Russell van het Natural History Museum in Londen. ‘Het is een hele nieuwe wereld om te verkennen. Er is veel dat we nog moeten ontdekken; en dat maakt het heel spannend.’