Aspendale (AU) – Volgens Australische wetenschappers is luchtvervuiling van de rijke industrielanden een belangrijke oorzaak van de extreme droogte in de Sahel.

In de tweede helft van 20e eeuw zagen landen in de Sahel de regenval met 20 tot 50% afnemen ten opzichte van de eerste vijftig jaar. De extreemste jaren waren tussen 1972 en 1975 en in 1984 en 1985. Miljoenen mensen stierven aan uitdroging en hongersnood.

Dr Leon Rotstayn van de CSIRO, het nationaal onderzoeksinstituut van Australië, en zijn collega, dr Ulrike Lohmann van de universiteit van Dalhousie, denken een belangrijke oorzaak gevonden te hebben. Sulfaataërosolen op het noordelijk halfrond zijn de schuldigen.

Hoe gevaarlijk zijn supervulkanen?
LEES OOK

Hoe gevaarlijk zijn supervulkanen?

In het verleden stortten zogeheten supervulkanen de aarde meermaals in een desastreuze ‘vulkanische winter’. Gaat dat opnieuw gebeuren?

Zij onderzochten de impact van sulfaataërosolen met een wereldklimaatsimulatie. Deze liet zien dat zonder vervuiling van aërosolen er aanzienlijk meer regen zou vallen in de Sahel. In een simulatie voor 1980 steeg de hoeveelheid regen in het zuiden van Nigeria van één naar zes millimeter per dag. In de jaren negentig nam de droogte in de Sahel af. Rotstayn schrijft deze afname toe aan de normen die westerse landen gingen stellen aan hun uitstoot van vervuilende gassen.

Bij de verbranding van fossiele brandstoffen en het smelten van metalen walmt zwavelhoudend gas de lucht in. Een deel van deze zwavelhoudende gassen wordt in de atmosfeer omgezet in vaste stof; sulfaataërosolen. Doordat Noord-Amerika en Europa het overgrote deel van de industrie voor hun rekening nemen, hangt de sulfaatwolk voornamelijk boven het noordelijk halfrond.

Water omringt de sulfaataërosolen in de lucht. De resulterende druppeltjes zijn kleiner dan normale waterdruppeltjes. Ze geven wolken een sterker spiegelend oppervlak en zorgen dat deze minder snel vervliegen. Het gevolg is dat wolken meer zonlicht weerkaatsen. De grond onder deze wolken wordt dan minder warm.

Doordat het aardoppervlak op het noordelijk halfrond minder warm wordt, schuift de tropische regenzone, die met de warmte meebeweegt, op naar het zuiden. Sahellanden komen daardoor vrijwel droog te staan.

Dr Rob van Dorland van het KNMI is vooralsnog niet erg onder de indruk van de resultaten van de Australiërs. ‘Er zijn onnoemelijk veel factoren in het klimaatsysteem denkbaar die de tropische regenzone naar het zuiden kunnen drijven. Op het noordelijk halfrond ontstaan aërosolen bijvoorbeeld niet alleen door zwavelgas, maar ook door woestijnstof dat daarheen waait’, zegt hij. ‘Bovendien zagen we voor 1975 weliswaar een sterkere afkoeling van het noordelijk halfrond, maar de laatste 25 jaar is de opwarming van het noordelijk halfrond veel sterker dan het zuidelijk halfrond.’

Ook al zijn de Australische onderzoekers wellicht wat speculatief, ze maken duidelijk dat broeikasgassen niet de enige oorzaak zijn van wereldwijde klimaatsveranderingen. Luchtvervuilende deeltjes dragen ook hun steentje bij.

Door: Jelka Lustenhouwer