Tropische bossen hebben veel te lijden van klimaatverandering. Met jaarringonderzoek voorspelt Pieter Zuidema hoe bomen hierop gaan reageren. Hij ontdekte dat bomen bij hitte en droogte langzamer groeien. Wat betekent dat voor de toekomst van tropische wouden?

Wat hebben jullie ontdekt?

‘Boomgroei is met jaarringonderzoek overal ter wereld gemeten, maar in de tropen zat nog een gat op de wereldkaart. We kwamen tot de conclusie dat de jaarlijkse variatie in boomgroei in de tropen afhangt van de weersomstandigheden tijdens het droge seizoen, en niet tijdens het natte seizoen.

Dat klinkt contra-intuïtief omdat bomen het meest groeien tijdens het natte seizoen. Maar juist droogte en hitte in het droge seizoen blijken bepalend voor verminderde jaarlijkse houtgroei. Als het in het droge seizoen eerder begint met regenen, is dat gunstig voor de boomgroei. Bomen vormen een bredere jaarring. Als het heter is, verdampt er meer water uit de bladeren naar de drogere lucht. Bomen groeien slechter door dit watertekort.’

Veroorzaakt wiet psychoses?
LEES OOK
Veroorzaakt wiet psychoses?

Hoe werkt jaarringonderzoek eigenlijk?

‘Bomen vormen elk jaar een jaarring. De grens daarvan vormt bij ons in de winter. In de tropen gebeurt dat in het droge seizoen. Bomen stoppen dan met groeien. Het jaarlijks geproduceerde hout zie je als één bandje, doordat de eerste houtcellen van het volgende jaar anders zijn gekleurd.

Met een holle boor halen we cilindertjes uit een boom, waaruit je het patroon van jaarringgrenzen kunt aflezen. Leg je de cilindertjes van één boomsoort in één gebied naast elkaar, dan zie je de gemiddelde groei van die soort. Uit dit patroon, de zogeheten chronologie, kun je aflezen wanneer de bomen minder groeiden.

Met 14.000 jaarringcilinders uit 30 landen hebben we de boomgroei rondom de evenaar geanalyseerd en vergeleken met weermetingen. De negatieve effecten van warmte en droogte blijken veel groter in droge gebieden.’

Onderzoekers in Congo halen met een holle boor een jaarringcilinder uit de boom in Congo. Beeld: WUR / Peter Groenendijk.

Kunnen bomen zich niet aanpassen aan het watertekort?

‘De extreme watervraag en droogtestress zorgt voor slechte groei en grote sterfte.  Bomen kunnen zich tijdens hun leven aanpassen, maar dat gaat traag.

Genetische aanpassing over verscheidene generaties gaat nog langzamer. Soorten die niet zijn aangepast aan droogte zullen langzamerhand verdwijnen. Vooral in natte gebieden, die door opwarming steeds droger worden, zullen we door boomsterfte veel diversiteit verliezen.’

Is minder diversiteit erg?

‘Door de grote sterfte van bepaalde boomsoorten ontstaat een open bos, met minder bomen per hectare. Tropisch bos is vochtig, maar in een open bos is de strooisellaag droog. Zo krijg je een vicieuze cyclus van droogte, sterfte, en veel bosbranden. Vuurbestendigheid vraagt een specifieke set aanpassingen, zoals bastdikte, die maar weinig tropische soorten bezitten.

Door boomsterfte als gevolg van droogte of brand, vergaat de opgeslagen koolstof in boomstammen weer tot CO2. Tropische bossen kunnen zo omklappen van mondiale koolstofopnemer naar koolstofuitstoter. De voorspelde temperatuurstijging van drie graden Celsius is funest voor tropische bossen.’

Hoe kunnen we tropisch bos redden?

‘Herbebossing kan tropisch bos herstellen. Maar het heeft alleen nut om bomen te planten die veel koolstof vastleggen en zijn aangepast aan het klimaat van de toekomst.

We moeten ontbossing echt terugdringen, zeker in de tropen, om te zorgen dat opgeslagen CO2 niet vrijkomt. Het positieve is dat we weten wat er moet gebeuren, maar dat weten we al een tijd. Het frustrerende is dat er met al die kennis in de politiek weinig wordt gedaan.’

Pieter Zuidema is hoogleraar tropische bosecologie aan Wageningen Universiteit. Samen met bijna honderd onderzoekers van over de hele wereld publiceerde hij over de klimaatgevoeligheid van tropische boomgroei in Nature Geosciences.