Honderd miljoen. Dat is het aantal dierproeven dat er naar schatting wereldwijd plaatsvinden per jaar. Onnodig en onhandig, vinden onderzoekers van Hogeschool Utrecht. Een lichaam van een muis bijvoorbeeld, reageert anders op een medicijn dan een mensenlichaam. Bij Hogeschool Utrecht werken ze daarom aan alternatieven voor dierproeven: met menselijke mini-orgaantjes en computermodellen.  

Hoe werken deze alternatieven precies en is dit de toekomst? Daarover vertellen Cyrille Krul en Marc Teunis in de tweede podcastaflevering van New Scientist en Hogeschool Utrecht.  

Presentatie: Jim Jansen en Laura Bergshoef
Gasten: Cyrille Krul en Marc Teunis 

De vreemde evolutie van plezier: van spelende gekko’s tot sparrende spinnen
LEES OOK
De vreemde evolutie van plezier: van spelende gekko’s tot sparrende spinnen

Met hoogwaardig onderwijs en onderzoek werkt Hogeschool Utrecht (HU) aan innovatie en professionalisering van de beroepspraktijk en de ontwikkeling van talent. Het Institute for Life Sciences & Chemistry van de HU draagt met haar opleidingen op verschillende manieren bij aan de opgaven waar we als maatschappij voor staan. En heeft als missie professionals op te leiden die met een stevige technologische basis en met onderzoekend vermogen het verschil gaan maken op het terrein van duurzaamheid, gezondheid en voeding.