Gisteren vond voor de achtste keer het Gala van de Wetenschap plaats, te volgen via livestream. Een avond lang namen topwetenschappers de toeschouwers mee in hun vakgebied aan de hand van het thema kunstmatige intelligentie en big data, onder leiding van New Scientist-hoofdredacteur Jim Jansen.

Rector magnificus van de Universiteit Maastricht en curator van de avond Rianne Letschert beet het spits af. Ze herinnerde ons eraan hoe belangrijk datanetwerken zijn in onze maatschappij, maar dat hier ook risico’s aan vastzitten. Zo werd haar universiteit vorig jaar nog aangevallen door cybercriminelen.

Tegelijkertijd bieden deze technologische ontwikkelingen ook prachtige kansen voor de maatschappij. De verhalen en schouwspelen die de rest van de avond de revue passeerden, waren hier het bewijs van.

‘De helft van de mensen heeft geen enkel idee van mogelijke AI-toepassingen’
LEES OOK
‘De helft van de mensen heeft geen enkel idee van mogelijke AI-toepassingen’

Skypen met een overledene

Zo introduceerde robot Pepper zijn ‘assistent’, lector digital commerce Jesse Weltevreden van de Hogeschool van Amsterdam, en skypten we met de overleden Britse wiskundige Alan Turing door middel van deep-fake-technieken.

Maar het echte kippenvelmoment kwam toen hoogleraar computer vision Theo Gevers van de Universiteit van Amsterdam beelden liet zien van nabestaanden die beeldbelden met een overleden familielid. ‘AI kan rouw- en traumaverwerking bevorderen, mits je het met de goede bedoelingen gebruikt. Deze technologie roept immers nog een hoop ethische vragen op’, benadrukte Gevers.

Robot Pepper introduceert zijn ‘assistent’ Jesse Weltevreden.

Moraalfilosoof Katleen Gabriels haakte daarop in. Gabriels onderzoekt of AI ons kan helpen ethische vragen zoals die van Gevers op te lossen. Robots die morele beslissingen nemen, klinkt misschien wat gek, is het absoluut niet, beweert Gabriels. AI kan immers grotere datasets verwerken dan mensen, wat mogelijk leidt tot betere beslissingen. Daarnaast is AI, in tegenstelling tot mensen, niet partijdig. Wie weet wordt AI in de toekomst onze morele mentor.

Katleen Gabriels sprak over de vraag of computers ooit onze morele mentor kunnen worden.

Machtiger en machteloos

Maar AI is zeker niet alleen toekomstmuziek. Volgens Jean Tillie, decaan recht en maatschappij aan de Hogeschool van Amsterdam, leven we nu al in een een ‘econetwerk’ van mensen en intelligente apparaten. We worden meer en meer afhankelijk van technologie. Tillie stelde dat dit ons machtiger én machtelozer maakt. ‘We geven onze macht over aan apparaten – een toename van machteloosheid. En we krijgen steeds meer controle over onze omgeving – we worden machtiger.’

Tegelijkertijd verliezen we onszelf minder vaak in het AI-econetwerk, vervolgde Tillie. En dat is slecht nieuws. ‘In feite gebeurt er hetzelfde in de huidige pandemie: we krijgen steeds meer controle over het virus, maar de kroegen gaan eerder dicht, dus we zijn steeds minder vaak dronken. Robots worden nooit dronken. We zijn steeds minder mens.’

Jean Tillie: ‘We leven in een AI-econetwerk.’

Gelukkig, zo verzekerde hij ons, is er een oplossing. Om een gezonde balans in het AI-econetwerk te houden, moeten we volgens Tillie vaker dronken worden, meer seks hebben en meer muziek maken. En hij voegde zelf de daad bij het woord: hij sloot zijn presentatie af met een muziekoptreden en een biertje in zijn hand.

Om bij het pandemiethema te blijven, werd Sally Wyatt, hoogleraar digital cultures aan de Universiteit Maastricht, door Jansen geïnterviewd over hoe complottheorieën met betrekking tot de huidige pandemie worden versterkt door de technologische ontwikkelingen. Vroeger waren professionele journalisten onze nieuwsbronnen, nu zijn ook complotdenkers in staat hun theorie te wereldwijd te verspreiden via social media. Wyatt benadrukte dat we voor grote uitdagingen staan. ‘Maar dat is ook het mooie van de wetenschap, er is altijd wat te doen.’

Angst voor het onbekende

Tussen de wetenschappelijke presentaties door gaf Janse Heijn een goochelshow. Iets wat, volgens hem, nooit door een computer kan worden gedaan. Terwijl hij op magische wijze binnen enkele seconden een Rubiks kubus oploste en een bieflesje liet verdwijnen, sprak hij over angst.

Goochelaar Janse Heijn.

‘De meeste angst is angst voor het onbekende’, stelde Heijn. En AI is nog vrij onbekend. Sommige angsten zijn misschien wel terecht. ‘Maar laten we één ding niet vergeten: het zijn mensen die de computers in staat stellen te leren. En het gaat erom wat voor input wij die computers geven.’

Onzekere tijden

Een traditioneel moment op het Gala is de uitreiking van de Robbert Dijkgraaf Essayprijs. Het thema van de schrijfwedstrijd was dit jaar ‘de rol van wetenschap in wereldwijd onzekere tijden’. Jurylid en hoofdredacteur van het AD Hans Nijenhuis las de 55 ingezonden essays door. Gelukkig kon hij – zoals hij het zelf omschreef – genieten van de vele prachtige gedachten en zinnen. Zo schreef een van de kandidaten: ‘Wat onzekere tijden zijn, weet je alleen als je een vergelijking kan maken met zekere tijden – maar die zijn er niet, want als er zekere tijden zijn, betekent dat dat die tijd onzeker kan worden.’

Live vanuit Princeton maakte Dijkgraaf bekend dat de gepensioneerde natuurkundeleraar Coen van der Kamp de Robbert Dijkgraaf Essayprijs 2020 won. Met zijn essay ‘De verstoorde droom’, over een slimme nieuwkomer in een oud huis, kreeg hij de zaal – collega’s, technici en sprekers die op de tribune zaten – stil.

Coen van der Kamp won de Robbert Dijkgraaf Essayprijs 2020. Foto: Bob Bronshoff

Big data

Over onzekere tijden gesproken: Reyer Gerlagh, hoogleraar economie aan Tilburg University, vervolgde de avond met een huiveringwekkend verhaal over het klimaat. Volgens Gerlagh is een klimaatcrash niet meer te vermijden. De doelstellingen van Parijs zijn niet meer haalbaar.

Gelukkig eindigde hij met positief nieuws. Zo legde hij uit dat uit de enorme bakken met data blijkt dat de realisatie van duurzame energie niet ten koste zal gaan van de economie. We kunnen dus met een gerust hart verduurzamen. Dit laat maar weer eens zien hoe belangrijk big data is.

En verzamelen van data, laat dat maar over aan Hans ter Steege, bijzonder hoogleraar tropical forest diversity aan de Vrije Universiteit Amsterdam, en Sylvia Mota de Oliveira, als plantenonderzoeker verbonden aan Naturalis. Ter Steege telt bomen in de Amazone en vergaart gegevens over klimaat en biodiversiteit. Sylvia verzamelt ook data over biodiversiteit, maar dan in de lucht – op 325 meter hoogte waar zich sporen bevinden.

Hans ter Steege en Sylvia Mota de Oliveira. Foto: Bob Bronshoff

De avond eindigde met een vrolijke noot van Lieven Scheire. Hij vertelde onder meer over een bijzondere toepassing van AI. Net als bij dit gala konden er bij een voetbalwedstrijd in Schotland geen toeschouwers zijn. Een slimme ingenieur bedacht een systeem waarmee onbemande camera’s de bal volgden. Zo konden fans de wedstrijd vanuit huis bekijken. Dit ging een paar wedstrijden goed, tot vorige maand, toen kijkers de halve wedstrijd naar de rug van de lijnrechter keken. ‘De lijnrechter was kaal. Vandaar het probleem’, zei Scheire. ‘Kunnen we in de toekomst vertrouwen op AI? Jazeker, maar we moeten wel eerst nog een paar bugs fixen.’