Voetballers die vaak een bal koppen lopen hersenbeschadigingen op, melden Amerikaanse onderzoekers. Koppende voetballers scoren lager op geheugentests en hun brein vertoont dezelfde afwijkingen als die van patiënten met een traumatische hersenbeschadiging.

Kopbal. Bron: Cpl. Bobby J. Yarbrough
Kopbal
Bron: Cpl. Bobby J. Yarbrough

Het lijkt voor de hand te liggen dat een flinke knal tegen je hoofd niet goed voor je is, maar nu hebben medici uit New York de gevolgen van een kopbal ook wetenschappelijk in kaart gebracht.

Tijdens een wedstrijd koppen voetbalspelers gemiddeld zes tot twaalf keer een bal, die soms zelfs met meer dan tachtig kilometer per uur het hoofd raakt. Hoewel een harde kopbal wel eens tot een hersenschudding leidt, komt dat relatief weinig voor. Maar onderzoeksleider Michael L. Lipton wijst er nu op dat juist de minder merkbare schade het grootste probleem is van koppen. ‘Herhaaldelijk koppen kan een cascade aan reacties veroorzaken, waardoor hersencellen mettertijd afbreken’, aldus Lipton.

'We moeten anders  gaan betalen voor zorg'
LEES OOK
'We moeten anders gaan betalen voor zorg'

Water wijst op beschadiging

Lipton gebruikte een geavanceerde MRI-techniek, diffusion tensor imaging (DTI), om microscopische veranderingen in het brein te bekijken. Het brein bestaat uit miljarden axonen, de uitlopers van neuronen die elektrische signalen door het zenuwstelsel sturen. Met behulp van DTI is de beweging van watermoleculen in de axonen te volgen. In een gezond brein stroomt het water uniform in één richting, terwijl de watermoleculen in een beschadigd brein elk hun eigen weg gaan.

De onderzoeksgroep van Lipton bestudeerde 37 actieve amateur-voetballers, waarvan 29 mannen en 8 vrouwen. Ze schatten hoe vaak de proefpersonen ballen kopten, en bekeken vervolgens hoe de watermoleculen in hun axonen zich gedroegen. Het water in de axonen van frequente koppers bewoog zich veel willekeuriger. De proefpersonen deden ook een cognitieve test. Wie meer dan 1800 keer per jaar kopte, had een beduidend slechter geheugen.

‘Deze metingen zijn vergelijkbaar met wat we zien bij patiënten met hersenschudding’, meldt Lipton in een persverklaring. ‘Het brein verandert op dezelfde manier als bij traumatisch hersenletsel.’ Misschien is het dus toch verstandig zo nu en dan een balletje te laten schieten. Je brein zal je dankbaar zijn.