Diemen (NL) – De toren van Pisa stopt eindelijk met overhellen.


John Burland, een Engelse hoogleraar in de grondmechanica, slaagt erin de scheefstand van de toren van Pisa terug te dwingen. Door met dunne drilboorpijpen de aarde onder de hoogliggende zijde van de toren weg te zuigen, kan de toren langzaam rechtop zakken. De boren hebben al meer dan tien ton aarde weggehaald. Met deze methode bracht Burland de overhelling terug van 5,4 naar 5,3 graden. Volgens het computermodel van de hoogleraar valt de toren om als hij meer dan 5,5 graden overhelt.

De kabels die de toren van Pisa op zijn plaats houden zijn niet meer nodig als de drilboren goed hun werk doen.

Elke vijf minuten ontvangen computers gegevens van 120 sensoren, die permanent de verschuivingen aan de binnenkant van het gebouw registreren. Dagelijks ontvangt Burland in Londen faxen met de laatste gegevens over de toren uit de controlekamer in Pisa. Aan de hand daarvan geeft hij instructies aan de ingenieurs in Italiƫ.
De toren zakt steeds verder weg omdat de ondergrond niet stevig genoeg is. Hij rust op negen meter dichte rivierslib met daaronder een dertig meter dikke laag zeeklei. Deze klei bestaat uit platte, schots en scheef tegen elkaar aangedrukte stukjes en is daardoor poreus. Met een gewicht van ruim veertien miljoen kilo marmer, wat steunt op een fundament van minder dan twintig bij drie meter, stampt de toren de grond steeds verder aan.
Burlands grondextractie is echter niet nieuw. De Nederlandse architect Breunissen Troost beschrijft in 1869 exact dezelfde methode in het geschrift Bouwkundige bijlagen, zo meldt het tweewekelijks blad De Ingenieur. Hier gebeurde het graafwerk alleen nog ouderwets met de hand.

Jocelyn Berdowski